[PS] Blending Options
Featured Replies
Recent actief 0
- Er zijn hier geen geregistreerde gebruikers aanwezig.
Een betere weg om onze GTA community te volgen. Leer meer.
Een volledig scherm app op het beginscherm inclusief notificaties, badges en meer.
Blend Mode: Met deze optie kun je allerlei blendings uitkiezen. Er zijn 23 verschillende blending modes. Hier komen ze allemaal op een rijtje:
Hard Mix: Dit is de ultieme contrast blend mode. Dit geeft een ongelofelijk hoog contrast aan de onderliggende layer.
Opacity
Hiermee kan je instellen hoe je de layer wilt laten zien. Doorzichtig, bijna niet of bijna wel, maar een beetje doorzichtig kan ook.
Angle
Hiermee kan je de richting instellen vanwaar je het vandaan wilt laten komen. Stel je hebt Drop Shadow aangevinkt en je hebt de Angle op 90 gezet. Dat betekent dat de Shadow aan de onderkant van je layer zit. -90 betekent dat het aan de bovenkant van je layer zit. Als je eenmaal Angle op een bepaalde stand zet, kan je niet bij een andere Blending Option dit veranderen. Als je bij Drop Shadow 90 hebt gezet, kan hij bij Inner Shadow niet op 120 of een ander getal. Het kan wel, maar dan verandert ook de de Angle bij Drop Shadow.
Distance
Dit is de afstand waarop je de Blending Option zet. Hoe groter de Distance, hoe verder de layer 'van de grond af komt'. Als de Distance op 1 zet, krijg je Shadow aan elke kan van de layer.
Spread & Choke
Dit geeft aan hoever je de Drop Shadow wilt verspreiden. Hoe lager Spread, hoe waziger de Shadow.
Choke is ongeveer hetzelfde als Spread. Hoe hoger Choke, hoe strakker je Shadow.
Size
Hiermee wijs je de grootte van de Shadow aan. Hoe groter Size, hoe groter je Shadow.
Contour & Noise
Met deze opties kan je de stijl van je Shadow nog aanwijzen. Maar dit is voor gevorderde gebruikers. Dit zal ik nog wel een keertje uitleggen hoe dit zit.
(Blend Mode, Opacity, Spread & Size --> zie Drop & Inner Shadow)
Noise
Met Noise kan je aangeven dat er stippeltjes komen in plaats van een zachte glow. Met Noise komt een 'harde' glow om het zo maar te zeggen. Hoe hoger je Noise zet, hoe 'harder'.
Technique
Met Technique kan je aanwijzen hoe je glow er uit komt te zien. Je hebt 2 opties.
Source (Inner Glow)
Bij het gedeelte Quality kan je beter niet aanzitten, dit is voor gevorderde gebruikers. Meestal wordt dit alleen gebruikt als de dikte van de glow niet goed is, maar dat komt bijna nooit voor.
Style
Met style kan je uitkiezen hoe je layer eruit springt, met bevel and emboss breng je relief in je layer.
Technique
Met de Technique kan je uitkiezen hoe sterk je Bevel moet worden.
Depth: Dit kan je veranderen van 0 tot 1000%. Hiermee verander je de sterkte van de Bevel of Emboss. Dit is een belangrijk onderdeel van Bevel and Emboss.
Direction: Simpel, Up of Down, dit kan je ook met de Angle veranderen, maar met Up en Down gaat het wat sneller. Voor mijzelf dient dit nergens voor.
Size: Hiermee verander je de grootte van de Bevel of Emboss. Dit is een belangrijk onderdeel van Bevel and Emboss.
Soften: Met Soften kan je de Bevel of Emboss zachter en softer maken, zoals het woord al zegt. Als Soften uit staat, zie je meestal enkele pixels, daarom raad ik je aan om Soften vaak aan te zetten.
Angle % Altitude: Dit verandert je gezicht naar het object, de lichtval. Je zet 2 vakjes met 'aantal graden'. Het bovenste vakje (Angle) telt het aantal graden in het rond en het onderste vakje (altitude) telt het vanaf buiten naar binnen. Hoe lager het getal in het onderste vakje, hoe minder schaduw en hoe meer lichtval er is. Met het bovenste vakje kan je aanwijzen van waar het licht moet komen.
Je kunt ook nog een vakje aanvinken, dat is 'Use Global Light'. Dit is precies het zelfde als bij Direction.
Gloss Contour: Met deze functie kan je een bepaald gezicht geven aan de Bevel of Emboss. Klik maar eens op het pijltje naast het kleine plaatje en dan zie je een aantal 'heuvels', zoals ik het noem. Als je op een van die thumbnails klikt krijgt je object een andere vorm. Het vakje wat je kan aanvinken (Anti-Aliasing) stelt niet veel voor, dat is om de lelijke pixels er uit te halen.
Highlight Mode: Spreekt voor zich lijkt me, hiermee kan je instellen wat voor Blending Mode het lichtinval moet hebben, ernaast zie je standaard een wit vakje, hiermee kan je een kleur kiezen.
Shadow Mode: Hetzelfde als Highlight Mode, hiermee kan je instellen wat voor Blending Mode het lichtinval moet hebben, ernaast zie je standaard een wit vakje, hiermee kan je een kleur kiezen.
Contour
Hier kan je kiezen wat voor diepte en wat voor effect je Bevel en Emboss moet hebben.
Achter het vakje contour staat Anti-Aliased, dat betekent dat je zoveel mogelijk hoekige stukjes weghaalt.
Range
Hiermee bepaal je de diepte van je Contour.
Pattern
Hier kan je een pattern uitkiezen die over je plaatje heen komt.
Scale
Met Scale kan je de grootte van je Pattern wijzigen, of eigenlijk moet ik het goed zeggen. Het eigenlijk het inzoomen van je effect die je er over heen gooit bij Pattern. Hoe hoger scale, hoe verder je inzoomt.
Depth
Wil je gemakkelijk je texture omdraaien, dat kan met Depth. Hoe minder je depth, hoe verder je hem omdraait, hoe groter je depth, hoe verder je hem de andere kant omdraait. Als je je Depth op 0 hebt staan zie je niets.
Met Satin kan je een kleur over je plaatje/object heen gooien. Eigenlijk is het een kopie van het object waar je dit effect overheen gooit. Alleen kan je het hiermee blurren etc.
Voor de opties van Satin kan je even bij de andere gedeeltes van deze tutorial kijken, het staat hier allemaal al beschreven.
Bewerkt: door Lantyz